Verjaardagsgezeur.

Hoppa.

Ik heb gisteren per e-mail afgesproken dat Jill bij mijn moeder kan logeren op de zaterdag dat ik jarig ben. Dat duurt nog wel 2 maanden, maar je kunt het maar alvast geregeld hebben, nietwaar?

Mijn moeder woont in de buurt van Antwerpen. Vlam en ik leveren het wicht daar af, we eten nog even een taartje, parkeren de auto daar in de buurt en gaan het laatste stukje met de trein naar Antwerpen. Ik boek een kamer en reserveer ergens een tafeltje. Zo had ik het bedacht dan. Vlam pruttelde gisteren tegen en wilde geloof ik zelf iets regelen voor me. Ik was weer eens iets te voortvarend. Daar moeten we het dus nog even over hebben. Mea culpa darling ;)

In ieder geval: mijn verjaardag vier ik dus mooi elders.

Het is zo dat ik:

a) vind dat Vlam en ik veel te weinig van dat soort uitstapjes hebben.

b) ik een kast vol schoenen in alle kleuren van de regenboog en een plank vol luchtjes heb. Hoeveel kan een mens bezitten?

c) ik nul komma nul zin heb om mijn verjaardag te vieren.

Ik ben namelijk niet zo vierderig. Ik ben blij met het ene kind dat ik heb, de clipjes op mijn eierstokken, het feit dat we geen enorme (schoon)familie hebben. Scheelt aanzienlijk op jaarbasis, qua feestjes.

Feestjes en ik zijn een bar slechte combi. Ik vind er niks aan als ik ze zelf organiseer, of als ik zelf het feestvarken ben. Het van te voren 6 keer naar de supermarkt gaan, de voorbereidingen, je huis partyproof maken, de enorme smak geld die het kost, de dag zelf waarop je als een kip zonder kop voor je huis rent in een poging alle glazen gevuld te houden, de enorme chaos die er heerst als iedereen weer weg is, de vracht eten die je altijd weer overhoudt. Pffff…

Maar ik vind ze ook niet leuk als ik naar iemand toe ga en gewoon passief mag en kan gaan zitten. Ik word sowieso nerveus van teveel mens in een kamer. Ik zou dan juist weer het allerliefste de rol van de gastvrouw overnemen en de koffie gaan rondbrengen, de gebakbordjes ophalen, toastjes smeren. Alles om maar niet te hoeven chit chatten met vrachten mij onbekende mensen. Ik houd het altijd maar een zin of 10 vol. En dan is de sociale koek op, dan zou ik het liefste weer naar huis gaan. Maar dat vindt men gek of op zijn minst ongezellig.

En ongezellig, dat wil ik natuurlijk niet zijn. En dus sta ik op menig feestje met buikpijn en een glas wijn, in een hoekje te glimlachen en te observeren. “Iets” gespannen te zijn.

En dus vlucht ik dit jaar maar weer eens. En wil ik alleen maar dingen doen waar ik blij van word.

Even een tafeltje en een hotelkamer reserveren dus maar. Want ik heb iets te vieren. En we komen met zijn tweeën.

Meer dan genoeg mens.

Toneelspelen.

Ik ben niet goed in toneelspelen. Ik kan niet goed doen alsof, de schijn hooghouden en me voor langere tijd sociaal wenselijk gedragen.

Ik wil namelijk erg graag zijn wie ik ben. Geen verplichte nummers, geen opgedragen taken of enorme verplichtingen. Ik heb ook geen zin me mooier of aardiger voor te doen dan ik ben. Ik ben wie ik ben, met al mijn nukken en mijn emoties. Take it or leave it ook vooral. Ik heb een groot gedeelte van mijn leven me aangepast aan anderen, ben mezelf uiteindelijk ook verloren. En nu trek ik overal strepen en stel grenzen.

Maar op dit moment zit ik helaas wel in een voor mij lastige situatie waarin ik eigenlijk heel hard wil roepen wat ik écht denk maar uit respect voor Vlam, houd ik me enorm in.

Wat wil het geval?

SchoRo en schoonmoeder gaan er weer voor. Ze blijven voor altijd bij elkaar. Zij heeft haar Franse biezen gepakt en woont nu in Den Haag. Het huis in la France gaat in de verkoop en ze zijn weer helemaal happy met elkaar.

Ergens eind juni is SchoRo alleen naar NL gekomen en was hun huwelijk klaar na jarenlange strijd. En amper 3 maanden later vergeven ze elkaar en vergeten ze alles wat er gezegd en gebeurd is.

Ik heb het afgelopen kwartaal van hem negatieve dingen over haar gehoord. En zij heeft over hem dingen gezegd die ook niet bepaald aardig waren, logisch ook, ze waren boos en gekwetst.

Ik ben deels met hem meegegaan, deels met haar. Ik begreep heel erg goed wat het probleem tussen die 2 was.

En nu delen ze ineens mee dat ze het weer gaan proberen? WTF?

Prima. Het is hun beslissing, hun huwelijk, hun leven, en zij moeten doen waar ze zich gelukkig bij voelen.

Maar wat verwachten ze nou van mij? Dat ik ze juichend in de armen val en zeg dat ik zo ontzettend blij voor ze ben?

Sorry, maar dat kan ik dus niet. Het druist me zo ontzettend tegen mijn borst. Want ik voel het gewoon echt niet zo.

Het is fijn voor ze dat ze met een schone lei gaan beginnen, maar ik ben niet vergeten wat een ellende ik met ze heb meegemaakt de afgelopen 4 jaar. Alle openbare ruzies, het elkaar afzeiken, het de hele familie erin betrekken. En het ligt ook nog heel erg vers in mijn geheugen wat ik de afgelopen maanden over hen beiden heb mogen aanhoren.

Ik houd de boot dus heel even af, ga even niet naar ze toe, ik bel ze niet op om ze te feliciteren. Ik heb tijd nodig om te wennen aan dit idee.

En heel eerlijk, heel misschien lukt me dat wel helemaal niet.

Ik weet het niet…

Agressie.

Ik werk in de slechtste wijk van de stad waarin wij wonen. Niet van het type Schilderswijk, maar het scheelt niet veel.

Omdat wij heel selectief zijn met het aannemen van nieuwe patiënten (lees: we gaan eerst een kort gesprekje met iemand aan, om even in te kunnen schatten welk vlees we in de kuip hebben. Je kunt bij ons niet zomaar een inschrijfformulier ophalen of downloaden), valt onze patiëntenpopulatie nog wel mee en gedraagt iedereen zich -op een enkele uitzondering na- keurig. Gaat iemand een keer te ver, dan is 9 van de 10 keer mijn collega Laura die echt té lief is, het haas, en dan spring ik er gewoon tussen. Ik ben niet zo snel onder de indruk van verbaal geweld. Ik ben behoorlijk ad rem en blijkbaar kan ik heel smerig boos kijken, want er is nog nooit een escalatie geweest. We lossen het probleem altijd netjes op en iemand begint gewoon weer met een schone lei.

Gaat iemand echter écht te ver, dan hoort mijn werkgever dat van mij en belt hij de betreffende over-de-schreef-gaander op en kan zhij de volgende dag zijn/haar dossier komen ophalen en een nieuwe huisarts zoeken. Het elektronisch dossier wordt afgesloten en er komt de code “EOAO” in. Dat betekent “eens opgerot, altijd opgerot”. Als je een paar jaar verder bent, wil je ook wel eens iets vergeten en als iemand dan om onverklaarbare redenen ineens toch graag weer terug wil komen in de praktijk, weten we door die code dat we dat verzoek dus echt niet kunnen honoreren.

Eergisteren meldde een mevrouw, met wie ik een afspraak had, zicht veel te laat aan de balie. Normaal ben ik redelijk streng en geef ik iemand een nieuwe afspraak. Dat moet helaas ook wel, zeker in die wijk, want je geeft mensen 1 vinger et cetera, en zij bepalen mijn hele spreekuur. Dan wordt het een zoete inval en moeten mensen die wél netjes op tijd komen, het ontgelden. Deze mevrouw mocht echter verder komen. Ze had een enorm blauw oog en ik wilde van haar horen wat er aan de hand was.

Ze had aan 2 “dames” in de lift gevraagd of ze iets minder hard wilden praten en is bij het verlaten van het flatgebouw zwaar mishandeld. Ze werd uitgescholden voor onder andere “vieze hoer” en is geslagen en -terwijl ze al op de grond lag- geschopt. Resultaat: gekneusde ribben, 9 hechtingen in haar wenkbrauw en 3 in haar achterhoofd.

Aan het einde van mijn werkdag, op de fiets naar huis, werd ik zelf uit het niets, terwijl ik iemand inhaalde, enorm grof uitgescholden door een heuse randdebiel. Ik had de hele dag mensen geholpen, zielige- en zeikverhalen aangehoord en dan zoiets?

Ik zat nog zwaar in mijn PMS periode en werd door deze geheel onterechte en uit het niets verschenen scheldkanonnade zo enorm, verschrikkelijk boos op die man, dat ik met liefde 1 van mijn hakken tussen zijn ogen had willen planten. Ik deed en zei echter niets en fietste door.

Het wordt tijd dat ik weer terugga naar Zeeland geloof ik.

Er zijn periodes dat ik het echt verschrikkelijk zat ben, hier in de Randstad met al die opgefokte figuren, weet u dat?

Poes.

Vorige week woensdag hadden we ineens een race-poes. En dan bedoel ik niet dat ze als een idioot door het huis rende, want dat doen alle poezen op gezette tijden. Nee, ze wás aan de race.

Gelukkig was dat toen ik nét even een uurtje iets voor mijzelf aan het doen was, buitenshuis. Maar toen Vlam en Jill wel aanwezig waren. Hoe time je het zo, niet?

Vlam en Jill hebben er zelf heel hard om moeten lachen. Ik zag bij thuiskomst foto’s op Facebook van Misty en Dasty (het beste schoonmaakmiddel ooit, verkrijgbaar bij de Wibra, red.) Het schijnt dat mevrouw door het hele huis had zitten stempelen en ze echt de ramen en deuren tegenover elkaar hebben moeten zetten om de stank weg te krijgen.

Had ik al gezegd dat ik blij was dat ik er niet bij was?

Ik kan daar dus niet tegen hè? Oren uitspuiten, smerige wonden, andervrouws vagina’s van binnen bekijken, in vreemde anussen wroeten, het maakt me niks uit. Maar diarree en/of kots opruimen? Brrrr…

Anyway: donderdagmorgen was mevrouw alweer opgeknapt, vrijdag geen centje pijn. Iets dunne ontlasting ook weer, maar niet zo erg als 2 dagen daardoor. Maar toen we zaterdagmorgen beneden kwamen, troffen we een allerzieligst, ineengedoken en vooral niet mauwend (want dus een unicum is want Misty praat de hele dag door) poezenbeest aan. Ze wilde geen snoepjes, er werd niet gespind en ze toonde amper interesse in ons.

Vlam opperde naar de dierenarts te gaan. Op zaterdag.

Kassa!

Omdat ik denk dat lichamen van mensen en poezen best op elkaar lijken en dus ook reageren, beredeneerde ik het zo: ze woont 3 hoog, ze kan niks raars hebben gegeten. Ze is tijdig ontwormd. Ze heeft geen ander voer gekregen. Blijft er maar 1 optie over: een buikvirusje.

Virussen zijn niet te bestrijden met antibioticum want virussen zijn al “dood” materiaal. Een bacterie daarentegen behoeft wél een kuurtje. Maar daar kon geen sprake van zijn in dit geval omdat ze nooit buiten de deur komt en vreemde dingen eet.

Diarree moet je niet stoppen, want het linke virus moet het lijf uit. Als Misty een mens was geweest, had ik ook gezegd: kijk het nog maar een dagje aan en goed drinken. Ze was namelijk ook niet uitgedroogd.

Ik wil er zo min mogelijk komen, bij dierenartsen. Dierenartsen kunnen namelijk vaak heel lastig inschatten wat een dier mankeert, beesten kunnen -dat was u wellicht al eens opgevallen- bar slecht communiceren. “Als ik híér druk met mijn poot, doet het pijn”…. Het zou wel handig zijn, maar helaas.

Ik ben gek op ons huisdier, maar ik vond een gepeperde rekening met weekendtarief én onnodig een kuurtje in haar frommelen, even niet nodig.

Gelukkig had ik goed gegokt.

Want ook ik kan mijn huisdier niet verstaan.

Het blijft lastig vind ik. Waar doe je goed aan?

Koken.

Zojuist aten we bloemkool met een kerrie-kaassausje, gekookte aardappelen en een tartaartje.

Vrij uniek, want de Hollandsche pot is iets dat er in Huize Klivia niet vaak op tafel komt.

We zijn er alle drie niet echt fan van en bijkomend nadeel, als je aardappelen, vlees en groente kookt, is dat je na afloop ontzettend veel werk hebt aan de afwas.

Maar liefst 5 (!) pannen net.

Ik zie mezelf al elke middag, als ik uit mijn werk kom, al dat werk verrichten. Voor 20 minuten aan tafel zitten. Doeiii!

Daarbij komt nog eens dat ik veel liever wat complexere smaken proef. Ik houd van de Thaise keuken, de Indonesische, de Marokkaanse… Ik ben gek op koriander, op komijn, kaneel, dille, limoenblad, steranijs, dikke stroperige ketjaps en Spaanse pepers.

Afgelopen vrijdag maakte ik een groene Thaise curry met kip, één van mijn lievelingsgerechten. De eerste keer dat ik voor Vlam kookte, maakte ik het ook. Ik schoot van de zenuwen een “tikkie” uit met de groene rawitpepertjes en het gerecht was daardoor echt loeiheet geworden. Van de eerste hap schoten de vlammen uit -eh- Vlam en sprongen de tranen in zijn ogen. Bij mij ook, maar dat was omdat ik er ontzettend van baalde, dat ik zo’n waardeloze eerste kookindruk maakte. Overigens heeft ie heel dapper tóch zijn bordje leeggegeten. Mijn held.

Vlam deed het de eerste keer toch iets beter dan ik. Ik kreeg slibtongetjes, gebakken aardappeltje en groene asperges. Hij smeerde en voerde me vooraf toastjes met een heerlijke makreelpaté én -erg belangrijk- hield mijn wijnglas vol. Ik was om. Ook de liefde van een vrouw gaat door de maag.

Sinds we samenwonen, zijn de taken in de keuken eerlijk verdeeld. Ik kook doordeweeks. Op de vrijdagen is het vaak fiftyfifty. Ik verzin wat we eten, doe de boodschappen en de voorbereidingen zoals schillen en klaarzetten, en hij maakt het af. Op zaterdag eten we altijd wat uitgebreider, met wat luxere producten en een mooie wijn, en is Vlam de chef. Hij heeft een eigen pagina op Facebook waar hij al zijn gerechten etaleert en wil elke week met iets nieuws komen. Op zondagen kookt hij ook, maar dan iets simpels.

Als we gasten hebben, is Vlam meestal degene die in de keuken staat. Omdat ie er zo van geniet, laat ik ‘m maar. Ik vind het ook leuk om te koken, zeker als ik alle tijd heb en niet een drukke werkdag voorafgaand heb gehad, maar gewoon kunnen aanschuiven en genieten, daar is ook wel wat voor te zeggen natuurlijk. En dus offer ik me regelmatig op. Het is niet anders…

Maar aanstaande vrijdag komen er 3 vriendinnen eten en áls Vlam besluit thuis te blijven, dan kook ik, sowieso. Dan schuift hij maar gewoon aan. Er is namelijk geen hond meer die gelooft dat ook ik wel in staat ben tot het fabriceren van lekker eten, sinds Vlam en ik samen zijn…

En ik heb ook een reputatie hoog te houden, tenslotte.

Irritatie.

Vlam is echt de leukste en de liefste die ik ooit heb “gehad”. Daar beginnen we mee. Hij is attent, verzorgend, hij kookt, zeemt de ramen, houdt deuren voor me open, scrubt elk weekend mijn rug, rijdt me van hot naar her, sjouwt mijn tassen… En het is ongelofelijk hoeveel geduld en begrip hij heeft met mij.

Ik ben namelijk ab-so-luut niet de makkelijkste vrouw om mee samen te wonen. Ik ben redelijk veeleisend en pietluttig, een tikkie autistisch, wil altijd gelijk en het laatste woord hebben, kan enorm gesloten zijn en mijn humeur kan razendsnel omslaan. Hoge toppen, diepe dalen, sowieso altijd.

En zo eens per maand, enkele dagen voor mijn happy period, verander ik uit het niets, echt van het ene op het andere moment, in een heuse hormoonheks.

Dan zitten we bijvoorbeeld gezellig met een wijntje te eten en dan doet hij iets, 9 van de 10 keer betreft het een futiliteit, te hard ademen naar mijn zin, bijvoorbeeld, en dan irriteert mij dat ineens zó enorm verschrikkelijk, dan ik hem het liefste een stomp op zijn neus wil geven.Terwijl ik het de minuut daarvoor echt naar mijn zin had.

Het boze gevoel komt uit het niets aanzetten, als een tsunami overvalt me het dan. Het komt diep uit mijn binnenste, ik krijg het er dan zelfs lichamelijk warm van. Het kolkt en pulseert.

Die bui duurt meestal een dag of 3-4, ik heb dan echt niets nodig, alles triggert me. Koffielepeltjes die niet in de vaatwasser zijn gezet, schoenen op een plek waar ze niet horen, gaan plassen na Vlam en dan nog 2 velletjes op de rol treffen, een berg gedragen kleding op de stoel in de slaapkamer, Vlam die tijdens het eten zijn mes in zijn mond stopt, de tv op stand bejaardenhuis, dat eeuwige geknaag aan zijn nagels… (Raar maar waar, realiseer ik me nu ineens, terwijl ik dit typ, is dat Jills gedrag me een stuk minder stoort.)

As I write, voel ik nu weer aan mijn hele lijf dat die fijne periode er aan komt. Mijn bovenbenen voelen beurs aan, als iemand maar naar mijn borsten kijkt, wil ik ‘m al des Miss Piggy’s neerhoeken en de tranen springen me om niks in de ogen…

Morgen las ik dan ook maar een dagje wierook, fleecedeken, thee, Netflix, poes op schoot, telefoon op stil en comfort food in.

Ik ga proberen zo ontspannen mogelijk die oestrogeendip in te gaan.

Nog maar een jaartje of 10 en dan ben ik er vanaf.

Zal mij benieuwen of mijn huwelijk dat redt.

Foetsie!

Ik heb mijn Instagram account gisteren afgeschermd en ga ‘m de aankomende dagen leegtrekken en opheffen.

Ik heb het een paar maanden geprobeerd, maar vond er uiteindelijk niks an.

Niet lullig bedoeld naar de mensen die die het wél leuk vinden, maar de oppervlakkigheid stoorde me. Het is zó makkelijk om de rij met foto’s amper te bekijken, maar gewoon om de zoveel plaatjes te tabtabben met je vinger waardoor je een hartje toevoegt. Ik betrapte mezelf er ook een aantal keer op: een hartje geven, terwijl ik de foto niet eens echt leuk vond of niet begreep. Ik deed het puur omdat ik de mensch erachter zo waardeer. Tuurlijk is aandacht leuk, iedereen kan dat wel waarderen, maar persoonlijk vind ik echt gemeende aandacht het leukste. Van die halfzachte of omdat een verplicht nummer is, daar houd ik niet van. Smeert u die maar in uw haar.

Ook zoiets: één van mijn laatste volgers was een zeer jonge Turkse man met een wasbordje. Dat hij ook veelvuldig op de selfie had gezet. Wat moet zo’n jongen met zo’n oud hek als ik? Ik kan me niet voorstellen dat ik ben toegevoegd aan zijn lijst omdat ik van die enorm boeiende foto’s plaats.

Ik had ook een paar mensen uit Rusland, Korea en Indonesië die geen Nederlands spreken. Die kunnen uiteraard wel de link leggen tussen een foto van een poes en een echte poes. Dus tuurlijk kunnen die een foto leuk vinden. Maar soms plaatste ik ook een foto waarbij je eigenlijk alleen maar door de tekst eronder kon begrijpen wat ik bedoelde. En dan nóg ontving ik die kolerehartjes.

Ik ben met dat account begonnen, heel eerlijk en ze weet het ook, om La Bill een beetje in de gaten te houden. Maar het enige dat ik van haar zie zijn foto’s van haarzelf, waarop ik mijn eigen dochter niet eens herken, omdat ze nóóit van die rare bekken irl trekt, waarop 60 meiden van haar leeftijd reageren met “lieffie”, “schattie”, “Bjoetie” en “Lov you!”

Ik ga dus vanaf heden ook maar gewoon naar WhatsAp hacken, want dáár gebeurt het! (Grapje Jill! Je kent me…)

Wat ik ook vervelend vond aan Instagram, is dat het programma synchroniseert met je contactpersonen en jouw eigen e-mailadres. Ik had dus ineens vage kennissen van lang geleden, die mij gingen volgen. Als Klief. Terwijl ik juist zo graag wil dat niet de hele goegemeente weet dat ik een blog heb.

Ergo: legio redenen waarom ik de digitale stekker eruit heb getrokken.

Jammer, want ik ben er ook veel hele leuke en lieve mensen tegengekomen.

Vanaf heden dus “alleen” nog maar hier. En op mijn Facebook account. Even zoeken op “zuster klivia” of op de button in het rechter menu klikken.