Nux-nuts.

Vanmorgen was ik er weer klaar voor, mijn vijfde korreltje nux. Het is de bedoeling dat ik er tot aan mijn eerstvolgende happy period eentje per week neem, elke vrijdag. Vanaf dan, moet ik er alleen nog eentje op de vijfde dag van mijn cyclus gaan gebruiken, eentje per maand dus. Dat zou de truc moeten zijn. Dat probeer ik dan weer even zo vol te houden en daarna mag ik er een beetje mee gaan spelen. Misschien kan ik enkele periodes zonder? En mocht de hormoonheks weer tevoorschijn komen, dan kan ik weer gaan herstarten.

In ieder geval: ik pakte het zakje uit de fruitschaal (bij ons en vele andere gezinnen een soort vergaarbak van van alles, behalve fruit) en trof een leeg zakje. Ehm? Ik had vorige week een nieuwe voorraad van Klazien ontvangen, waar the hell was die?

Ik raakte half in paniek. Ik wil dit experiment per se goed uitvoeren en vrijdag is vrijdag bij mij. Geen dag later. Ik ben tenslotte lichtjes autistisch zoals u weet.

Ik heb het hele huis overhoop gehaald.

Mijn tas -een soort Bermuda driehoek, er verdwijnt van alles in- ging ondersteboven op tafel. Noppes.

De fruitschaal ging op zijn kop. Nada.

Ik ben zelfs naar de ingang van onze portiekwoning gegaan, en heb, als een heuse junk, op mijn kop in de papiercontainer gehangen, graaiend en van alles eruit halend. Misschien had ik het minuscule zakje wel abusievelijk met de envelop van Klazien weggegooid? Helaas. Niets te vinden.

Kut.

Ik stuurde vervolgens om half 7 vanmorgen Klazien een mail (we communiceren gewoon per mail, ik verschijn niet in haar dromen ofzo), legde het probleem uit en verzocht haar als-je-blieft een nieuw zakje te sturen.

Ik checkte voor alle zekerheid haar online agenda, zou je net zien dat ze een weekje vrij had genomen. Ik zag voor vandaag een paar afspraken staan, dus ik ging er vanuit dat ze praktijk heeft.

Maar toen bedacht ik me dat ze misschien wel zélf haar agenda had geblokkeerd, vanwege vakantie.

Ik googelde vervolgens verschillende websites die homeopathische middelen verkopen en mijn nux is gewoon leverbaar, maar omdat het vandaag vrijdag is, zou het pakje pas dinsdag worden bezorgd.

AARRGGH!

Ik vond in onze eigen stad een drogisterij die ook dat soort middelen verkocht. Ik belde ze, geen gehoor. Ik belde nog een keer. Weer niks. Pas bij de derde keer, toen het zweet me uitgebroken was, nam een heel chagrijnige man op (die ik inmiddels “kenner” als ik ben, kan adviseren chamomilla korrels te nemen. Of boswachter worden. Wat een zak) en ik vroeg hem allerliefst of hij nux op voorraad had. Dat had ie, alleen heel lichte druppels. Niet goed genoeg, ik ben een hopeloos geval en slik een redelijk hoge dosering.

Maar hij kon ze wel bestellen voor me, zei hij minzaam.

En zonder tegenbericht kan ik ze morgen einde van de morgen bij hem ophalen.

En mocht ik morgen ook post ontvangen van Klazien, dan kan ik in ieder geval vooruit.

Geen betere raad, dan voorraad.

In dit geval zeker.

Blogestafette.

Door Esther van Cultilicious werd ik getagt voor de Blogestafette met de opdracht: Schrijf een blog met als onderwerp ‘Vijf dingen die je altijd wilde weten over Kliefje… Maar nooit durfde te vragen’ en tag onderop je blog 3 favo bloggers. Deze taggen óók weer 3 man onder hun blog. Etc, etc. 

Esther, gewoon even ál mijn verhalen teruglezen had ook gekund, want behalve mijn pincode en mijn seksleven is echt alles hier al wel voorbij gekomen in de afgelopen jaren… Ik vond het dan ook enorm lastig überhaupt iets te verzinnen, laat staan 5 (!) weetjes. Maar goed: ik snap dat dat nogal een klus is, even een paar jaar aan blogjes inhalen.

U zit natuurlijk niet te wachten op mijn lievelingskleur, wat we eten vanavond en wat mijn mening is over zwarte piet?

Hoe sappiger, hoe beter niet?

Poeh.

Et voila:

  • Ik heb op mijn linkerborst nog steeds een restje tatoeage zitten, ooit, in een ver verleden laten zetten. Het was een roosje, met van die zwarte, dikke, tribal lijnen (was erg hip in het Mesozoïcum) maar na een paar lasersessies, is het meer alsof ik grijsachtige schimmel op mijn decolleté heb. Erg charmant. Vlam zegt dat je het echt alleen maar ziet als je het weet, maar hij zegt ook dat mijn kont niet dik is en hij prees laatst mijn miesoepje de hemel in, terwijl het echt niet te nassen was omdat ik het bouillonblokje vergeten was. Hij is nogal geneigd mijn gevoelens te sparen, de lieverd. In ieder geval: ik moet nog één keertje retour naar de lasermevrouwen. Maar ik ben een beetje schijterig, het doet namelijk behoorlijk pijn. Tóch ga ik, dit jaar nog. Volgend jaar wil ik schimmelloos op het strand in Lloret verschijnen.
  • Ik kan met vlagen enorm onzeker zijn, zelfs naar mensen toe waar ik me het meest op mijn gemak voel. Ineens ga ik dan twijfelen aan mijn kookkunsten, of vraag ik me af of Vlam het wel prettig vindt, als ik hem vastpak. Ik ga dan zelf invullen hoe de ander iets eventueel zou kunnen ervaren. Heel stom en onterecht. Want ik zou inmiddels wel moeten weten dat niemand dat kan.
  • Ik plas meestal met de deur open. Ik slaap naakt met sokken. Ik heb iets van 50 paar schoenen. Ik draag van die hele lelijke grote, zwarte Anni Rolfi onderbroeken, Vlam noemt ze duikpakken. Zo eens/twees per jaar drink ik echt veel te veel en daar baal ik dan achteraf behoorlijk van. Maat houden is lastig voor me.
  • Ik huil vrij veel. Niet alleen als ik verdrietig ben, of gefrustreerd. Ik kan ook janken als een film goed afloopt, als ik muziek mooi vind, als de zon op een bepaalde manier door de bomen schijnt. Ik stapte 2 jaar geleden de Sagrada Familia in Barcelona binnen en de tranen sprongen me in de ogen. Idem dito toen ik in het Dolfinarium een dolfijn door een hoepel zag springen. Ik jankte gezellig mee toen het verzorgpaardje van Jill werd verkocht. Ga maar door…
  • Me dunkt dat ik bij punt 4 u een paar bonusweetjes heb gegeven, dus ik vind het prima zo.

Ik geef het stokje door aan de onderstaande mensen. Niet per se mijn favoriete bloggers, want ik vind veel mensen leuk en lief en iedereen heeft zijn/haar eigen stijl.

Ik nomineer Suske. Omdat het een lieverd is die het soms hartstikke moeilijk heeft. Maar toch overal de humor van blijft inzien. Iets wat ik heel erg waardeer in mensen.

Ik hoop dat Yvon mee wil doen? Leuk/lief mensch. Ik WF me te pletter met haar, onze woorden vliegen elke dag weer zo’n 14.000 kilometer heen en weer. Ik ben altijd weer vol verbazing (en vaak ook walging) over de Chinese cultuur die zij beschrijft.

En het zou erg leuk zijn als Evert mee zou willen doen. Om bij uitzondering iets persoonlijks op zijn blog te willen zetten. Hij was mijn eerste contact via de blogwereld, toen ik in 2008 begon bij blog2blog en inmiddels zijn we vrienden geworden, ook irl. Hij is me zeer dierbaar.

Kom maar op mensen!

Veranderen.

Iemand kreeg na het lezen van mijn blog van gisteren het idee dat ik Vlam wilde veranderen. Ik heb hem rokend leren kennen en nu wil ik ineens dat hij anders wordt.

Dat heeft ze dat echt niet goed begrepen.

Ten eerste laat Vlam zich niet veranderen, hij is nogal -eh- eigengereid. Gelukkig wel, anders zou hij geen dag stand houden naast mij.

En daarbij: Vlam is prima zoals ie is.

Het enige waar hij mee moet stoppen is het kluiven (incluis geluid!) aan zijn nagels. En ik zou het ook erg appreciëren als ie voortaan scheten laat als ik niet in de buurt ben. En als hij inderdaad weer -net als voor ik hem leerde kennen- in cowboylaarzen zou willen gaan lopen, dan ga ik huilen.

Maar het hem verbieden?

Nooit.

Kijk, dat roken is gewoon een lastig puntje. Ik wil a) graag met hem ooit naar Huize Avondrood en dan zou ik hem bij voorkeur niet in een rolstoel met zuurstoftankje willen hebben en b) hij mag doen en laten wat ie wil (zelfs roken) als ik er maar geen last van heb. En een man die stinkend als een bunzing tegen me aan komt liggen in een krakend schoon bed, daar word ik nou eenmaal niet blij van. Understatement.

Als ik morgen ineens besluit nooit meer mijn tanden te poetsen en ik wil wél graag dat Vlam zo nu en dan zijn tong in mijn mond steekt, dan hebben we ook een probleem denk ik. Ik denk dat Vlam ook vraagt (eist waarschijnlijk) of ik alsjeblieft weer iets met Prodent wil gaan doen, niet? Zo moet je het zien en niet anders.

Echt. Ik vind ‘m nog steeds hartstikke leuk. Steeds leuker eigenlijk. Had ik in den beginne nog wel eens last van hem en zijn nogal andere karakter dan het mijne, tegenwoordig begrijp ik hem steeds meer. Ik snap waar bepaald gedrag vandaan komt, houd rekening met dat waar ik hem zwaar mee irriteer en op een enkele hormonale dip na, hebben we eigenlijk zelden of nooit mot.

Ik ben en blijf echter wie ik ben en ik kan me snel storen aan bepaalde geluiden die hij maakt, rommel die hij laat slingeren etc. Maar hoe ouder ik word, hoe meer ik mezelf ook begrijp. Ik heb nou eenmaal een zeer gevoelig zenuwstelsel. Mijn zintuigen zijn erg snel ge- en overprikkeld. Dacht ik vroeger dat ik een zeikerd was, nu denk ik dat ik waarschijnlijk hoogsensitief ben. En dat klinkt een stuk positiever ;)

In ieder geval: van het meeste dat er soms stroef verloopt tussen ons, daar ben ik zelf debet aan. Ik ben stukken lastiger en wisselvalliger en veeleisender dan Vlam.

Nogmaals: Vlam is goed zoals hij is. Zowel hij, als ik hebben inderdaad bepaald gedrag veranderd sinds we elkaar kennen. Voor de ander. Maar doet niet iedereen dat, in een relatie? Water bij de wijn doen? Daar is toch niks mis mee? Ik noem dat gewoon respectvol. Het is een kleine moeite om kleine dingetjes aan jezelf bij te schaven, omdat je de ander daar een plezier mee doet.

Of strijk ik hiermee nou weer alle feministen tegen de haren in?

Meuren.

Ik heb een pesthekel aan mensen die ooit eens iets zelf hebben gedaan, het niet meer doen/ermee zijn gestopt en dan ineens naar andere mensen die nog wél doen wat zij hebben afgezworen, met een vingertje gaan staan wijzen.

Bah!

Ik weiger dan ook mensen die nog wel roken, af te zeiken. Maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat het me verschrikkelijk veel moeite kost het niet te doen.

Ik werk in de gezondheidszorg, ik draai elke week een longspreekuur en zie mensen die helemaal kapot gaan aan het roken.

Ik ken helaas ook privé mensen die te lang hebben doorgerookt en daar nu de wrange vruchten van moeten plukken. Longen die naar de kleute zijn, bloedvaten die niet meer kunnen en willen. Benauwdheid en pijn, elke dag. En fors ook.

Toen ik Vlam leerde kennen, rookte hij. Al bijna 30 jaar. Ik rookte toen ook. Zij het sporadisch en pas kort. Ik ben nooit een echte verslaafde geweest. Ik kon genieten van een sigaret na het eten, maar de rest van de dag, taande ik er niet naar. Door Vlam ging ik wat meer roken, maar eigenlijk vond ik het niks.

Toen hij in de zomer van 2011 dan ook voorstelde om te gaan stoppen, was ik daar heel blij mee. Ik heb daarna nooit meer een sigaret aangeraakt, Vlam heeft het er moeilijker mee. Hij vindt het nog steeds lekker en af en toe gaat ie voor gaas.

Op de bouw is hij omsingeld door mannen die roken, dus het is nogal makkelijk om er aan te komen. Hoeveel en hoe vaak hij rookt, geen idee. We praten er niet over. Ik wil het namelijk ook niet weten eigenlijk. Omdat áls ik het weet, ik toch boos word op hem. Ik baal er van dat een intelligent mens als hij, eentje die ook nog eens weet (hij heeft zich meerdere malen laten testen op de praktijk, door mij) dat hij tegen de rand van COPD aanzit, het niet kan laten staan. Hij is 46 en heeft verdomme de longen van een 65-jarige.

Vorige maand waren er 3 vriendinnen bij ons over de vloer, die allemaal roken. Vlam deed helaas gezellig mee. Toen hij op een gegeven moment de 5e aanstak, heb ik er wat van gezegd. Toen we ‘s avonds in bed lagen, heb ik er nóg wat van gezegd. Hij meurde namelijk als een bunzing. Het is niet bepaald aanlokkelijk om gezellig tegen iemand aan te kruipen die je qua geur doet walgen.

Afgelopen weekend was er weer iemand over de vloer die rookte en was hij helaas weer niet sterk genoeg. Toen heb ik er meteen na de eerste sigaret al wat van gezegd. Hij kan potverdomme elke dag, als hij wil, “stiekem” roken, doe dat dan ook als je dat wilt. Maar doe het alsjeblieft niet waar ik bij ben. Ik baal ervan van hij zijn gezondheid op het spel blijft zetten, elke keer als hij een sigaret opsteekt, triggert ie namelijk zijn verslaving, hij komt er zo nooit vanaf.

En daar komt ze weer: ik vind de geur van mensen die roken, steeds goorder worden. Hoe langer ik gestopt ben, hoe erger het wordt.

Het is jammer dat rokers het zelf niet kunnen ruiken. Misschien zouden ze dan wel gemotiveerd genoeg zijn.

Blijkbaar is hun gezondheid alleen niet genoeg.

Afscheid.

Deze week stond qua gedachtes in het teken van een vrouw die ik jaren geleden heb leren kennen via mijn blog. M viel op door de humoristische, intelligente, veelal heerlijk sarcastische opmerkingen.

We begonnen te mailen achter de schermen en dat doen we nog steeds, met enige regelmaat. We zijn Facebookvrienden geworden, we sturen elkaar soms kaartjes en ik ben -alhoewel ik haar dus niet irl ken- om haar gaan geven.

Ze vertrouwde me dingen die die heel erg privé zijn, die je niet aan de grote klok hangt. Heftige dingen ook.

De laatste berichten die ik van haar kreeg, waren positief. Zij en haar kinderen zaten eindelijk in een positieve flow. En dat was ze PVD ook gegund, na al die tropenjaren! Ik genoot helemaal mee van haar enthousiaste verhalen.

Zaterdagavond kreeg ik weer een mail van haar.

“Leuk!” dacht ik nog, toen ik ‘m opende.

Not.

Het was een digitale overlijdenskaart van haar 13-jarige zoon. Dood gevonden in huis, oorzaak nog onbekend. Zoals het er nu naar uitziet een natuurlijke oorzaak.

Ik schrok me werkelijk helemaal wezenloos. Mijn hart stond echt even stil.

Ik kom door mijn werk vaak in aanraking met de dood. Die hoort ook gewoon bij het leven. Soms ben ik van slag door iemands dood, soms komt het als een opluchting, soms doet het me -eerlijk gezegd- ook niets.

Deze hakte er echter in.

Ik ben een redelijk angstloze vrouw. Ik ben niet bang om ziek te worden, om dood te gaan, ik spring net zo makkelijk in elke diepte, durf slangen en spinnen vast te pakken, ik meng me zonder na te denken in een ruzie, durf mijn mening te geven. Kortom: mij maak je niet gek.

Ik heb er stiekem maar eentje, één angst. Een zeker niet-hysterische, niet allesoverheersende vorm , maar wél eentje die altijd wat suddert op de achtergrond. De angst om degenen van wie ik het meeste houd, kwijt te raken. Definitief kwijt te raken.

Soms ben ik onderweg naar huis en word ik ingehaald door een ambulance of vliegt er een traumahelikopter over. Wat als Jill of Vlam er in zouden liggen, denk ik dan. Wat zou ik doen?

Hoe zou ik reageren als de politie langs zou komen en zou zeggen dat mijn man of kind dood gevonden was? Zou ik gaan gillen?

Ik kan zo eens in de zoveel tijd met vlagen bizarre fantasieën hebben over hun dood. Ik kan me dan helemaal voorstellen hoe ik me zou voelen, wat ik zou denken, hoe de uitvaart eruit zou zien, wat ik aan zou hebben, wie er naast me zouden zitten…

Idioot, ik weet het. Maar ik kan het niet stoppen, het zit er al jaren, die gedachtes.

En de laatste week zit het er weer meer dan in het afgelopen jaar bij elkaar.

En daar knapt een mens niet van op.

Arme, lieve M. Het moet een hel zijn waar je nu in zit.

Testcase.

De afgelopen 3 weken heb ik elke vrijdag een korreltje Nux Vomica genomen. Vanmiddag ging ik op mijn werk naar het toilet en bleek ik tot mijn grote verrassing zowaar ongesteld te zijn geworden. Wtf? Ik had de afgelopen dagen -zoals de trend het afgelopen half jaar was- zwaar in de mineur moeten zijn. Me rotter dan rot moeten voelen.

Ik heb dus echt erewoord nergens last van gehad. De hormoonheks, die heeft zich deze maand niet laten zien.

Ik blogde al eerder over de Nux patiënt (wat ik bleek te zijn): gehaast en gejaagd om dingen af te maken. Kan niet op anderen wachten. Is vaak erg kritisch en wijst weleens snel iemand af die niet aan zijn veeleisende principes beantwoordt. Kan scherpe opmerkingen maken wanneer hij geïrriteerd is. Of houdt in plaats daarvan dat vervelende gevoel voor zichzelf, maar uit zijn onbehagen in zo’n geval in botte, ondiplomatieke taal en door de uitdrukking op zijn gezicht. Wil niets liever dan alleen worden gelaten en haat het afhankelijk te zijn van anderen die minder capabel zijn dan hijzelf. Vindt het vreselijk vragen te moeten beantwoorden. Is uiterst netjes en maakt zich druk over kleine dingen. Heeft de neiging zijn omgeving in te richten volgens zijn eigen gevoel voor precisie en orde. Haar zenuwstelsel is overgevoelig. Lichte geluiden, zoals het geluid van pratende mensen of zelfs het geluid van voetstappen, brengen haar al in verwarring en ze kan niet tegen helder licht of onplezierige geurtjes.

Hoewel ik over bovenstaande niets positiefs kan zeggen, is het helaas wel 100% op mij van toepassing. Ik ben gewoon snel geïrriteerd. Altijd al zo geweest. En tijdens de pms periode, is dat nog eens 10x zo erg. Dan kan ik het ook niet binnen houden, móét ik het uiten.

Ik heb de afgelopen 3 weken uiteraard minutieus bijgehouden hoe ik me voelde, na het innemen van de korreltjes van Klazien uut Zalk. U weet van mijn scepticisme. Ik geloof echt he-le-maal niet in homeopathie. Wat mij betreft valt het onder de noemer hocus pocus.

In ieder geval: na de eerste korrel voelde ik me precies hetzelfde.

Op de dag dag ik de tweede korrel ingenomen had, kreeg ik van mijn collega een e-mail. De griepprikken zouden bezorgd worden, precies op de dag dat de praktijk was gesloten en ik een extra vrije dag had. Wat Laura er aan kon doen om dat te veranderen? Of ik een idee had. Mijn woede (ik word er soms echt knettergek van dat mijn werkgever en mijn collega voor heel erg veel futiliteiten mij inschakelen in plaats van het zelf op te lossen) vlamde een paar seconden heel erg hoog op. En dat gevoel zakte als een speer weer in elkaar. Ik was superrelaxed toen ik mijn collega terug mailde: neem jij die dag maar lekker vrij, jij bent er meer aan toe dan ik, ik zal die dag er gewoon zijn om de vaccins aan te nemen. No problemo.

Het was op dat moment dat alsof ik vanaf een afstand naar mezelf zat te kijken. Normaal had ik me ook wel “opgeofferd”, maar er eigenlijk niets bij voelen? Het ook oké vinden? Niet geïrriteerd zijn? Wow…

En zo ontspannen voel ik me nog steeds.

Klazien had gezegd dat ze wilde dat ik me 80% beter zou voelen, met minder nam ze geen genoegen. Vlam noemde eergisteren zelfs een getal van 100%. Hij was blij dat hij de oude Klief weer terug had. Hij is net zo argwanend als ik, kan het niet bevatten dat 3 van die lullige korreltjes zoveel verandering hebben veroorzaakt, maar het is echt zo.

Of het moet liggen aan de extra magnesium en selenium die ik tegelijkertijd ook dagelijks ben gaan slikken. Tip van een overgangsconsulente.

U hoort het, ik houd nog even een slag om de arm…

Empathie.

Vorige week had ik een patiënte op mijn spreekuur, ze kwam voor het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker, voor een uitstrijkje dus.

Ik heb dan een standaardlijst met daarop een paar vragen die ik stel, voor ik overga tot actie. Ik wil eventuele klachten weten, of de betreffende vrouw hormonen slikt, ik wil weten wanneer de laatste menstruatie was en of het patroon regelmatig is.

Deze mevrouw was door de overgang heen, zonder problemen. Ze had er niks van gemerkt, zei ze.

Ik vertelde haar dat ze daar geluk mee had gehad. Dat ik veel vrouwen spreek, voor wie het een nogal heftige gebeurtenis is.

Daarop kwám een reactie. Ik was sprakeloos en dat gebeurt niet veel kan ik u zeggen.

“Vrouwen die lopen te zeiken over overgangsklachten, mankeren onderliggend waarschijnlijk wat. Die hebben in hun leven hun zaakjes niet op orde, zijn ontevreden, lopen ergens anders mee, en dan is die overgang een prima excuus. Vrouwen die stabiel zijn, die stevig in het leven staan, die hoor je nooit over de overgang.”

Ze ging nog even door.

“Ook zoiets, vrouwen met een postpartum depressie. Kom op zeg! Aanstelleritis!”

Het was dat ik nog niet was begonnen met het uitstrijkje, anders had ik dat speculum even hardhandig in die muts willen ronddraaien.

Ik heb geprobeerd er niet op te reageren, maar dat lukte me dus even niet.

Ik vertelde haar dat ik zelf toch wel een doorzetter ben, iemand die niet snel iets mankeert, maar dat ik zelf de laatste maanden behoorlijk loop te tobben met mijn hormonen en dat ik me soms echt waardeloos voel terwijl ik zo happy ben als wat. Dat ik het met haar opmerkingen dus niet eens was.

Toen bond ze in en gingen we over op veiliger onderwerpen als werk en vakantie. Beter. Mijn bloed kookte namelijk.

Wat is er in vredesnaam mis met mensen zoals zij? Omdat je het zelf niet kent, is het niet waar? Ik weet dat er mensen zijn die het lastig vinden zich in te leven in andere mensen, maar dit is een compleet gemis aan empathische gevoelens. Zó enorm kort door de bocht, dat ik het gewoonweg shocking vond.

Tuurlijk is het verdomde lastig om je een voorstelling te maken van hoe andere mensen zich voelen door hun ziekte, of door een heftige gebeurtenis, iets waar je zelf geen ervaring mee hebt, maar als je het niet begrijpt, houd dan gewoon wijselijk je mond. Knik wat, klets wat mee, zorg dat je er bent voor de ander. Doe je best in ieder geval.

Het zou mooi zijn als dat soort emotiegestoorde mensen eens een dag konden voelen wat een ander voelt. Dat deze mevrouw kan ervaren hoe het voelt als je een depressie hebt. Kijken of ze dan nog steeds blijft verkondigen dat je jezelf gewoon een schop onder je kont moet geven en je niet zo moet aanstellen.

Bah!